NL

Meyer’s Management Models - deel 12: Rijzende sterren-model

HR & Organizational Development change management

Met welke morele gevaren krijg je te maken onderweg naar de top?

Een rijzende ster is een persoon met bovengemiddeld talent die snel carrière maakt binnen of over organisaties heen. Hij/zij neemt daarbij posities in met een steeds grotere verantwoordelijkheid. Snel opklimmen betekent ook meer macht, zichtbaarheid en aandacht.  

12_Ron_Meyer_Rising_Star_Model_Youtube(1)


Onderweg naar de top krijgen rijzende sterren te maken met diverse verleidingen die hen moreel kunnen schaden. Hoe sneller ze opklimmen, hoe groter de kans op ethische ondermijning. Maar hoewel deze uitdagingen rijzende sterren kunnen misvormen, kunnen ze die personen ook in positieve zin vormen, afhankelijk van de lessen die ze uit de ervaring trekken.

Conceptueel model

Het Rijzende sterren-model laat zes gevaren zien waarmee beloftevolle talenten vaak te maken krijgen. Elk van die zes gevaren kan apart opduiken, maar meestal komen ze samen voor waardoor ze elkaar nog versterken. Elk van die gevaren vormt een bedreiging voor het morele kompas van de rijzende ster, maar kan hem/haar ook iets leren over het belang van een cruciaal kenmerk van leiderschap. Deze kiem van een potentiële leerervaring zit in dit model in elk van de zes gevaren vervat.

Rising Star

Kernelementen

De zes morele bedreigingen zijn:

  1. Het Peterprincipe. Zoals Peter en Hull (1969) opmerkten, krijgen mensen meestal promotie op basis van hun succes in het verleden totdat ze een positie bereiken die hun capaciteiten te boven gaat en waar ze dan de rest van hun carrière blijven zitten. Hoe sneller ze opklimmen en hoe groter de verwachtingen, hoe sterker de kans dat ze zichzelf voorbijlopen. Om te voorkomen dat ze op dit plateau van incompetentie arriveren, moeten rijzende sterren een gezond bewustzijn van hun talenten en beperkingen ontwikkelen.
  2. Het Paulusprincipe. Hoe sneller een ster opklimt, hoe hoger de verwachtingen om een van de topbanen te krijgen. Maar met slechts een paar C-suite posities in de aanbieding, zullen er onderweg meer gedesillusioneerde en gedemoraliseerde beloftevolle talenten te vinden zijn dan tevreden talenten (met een knipoog het Paulusprincipe genoemd, als de tegenhanger van Petrus of Peter). Om te vermijden dat ze op dit plateau van teleurstelling terechtkomen, moeten rijzende sterren ook betekenis en plezier zien te vinden in andere zaken dan puur carrière maken.
  3. Het Machiavelli-effect. Naarmate sterren opklimmen, krijgen ze ook meer macht. Ze hebben meer invloed terwijl ze zelf minder worden gecontroleerd. Zoals Lord Acton (1887) opmerkte: "Macht corrumpeert en absolute macht corrumpeert absoluut. Machtige mannen zijn bijna altijd slechte mannen..." Om machiavellistische machtsspelletjes te vermijden, moeten rijzende sterren aan hun empathie werken en oefenen in rechtvaardigheid, zowel in attitude, handelen als resultaten.
  4. Het Hollywoodeffect. Naarmate hun macht toeneemt, stijgt ook hun zichtbaarheid en de aandacht die mensen aan hen besteden. Net als Hollywoodsterren wonen ze in een virtueel glazen huis waar je alles kan zien, ook het slechte en het lelijke. Tegelijk raken ze geïsoleerd van de werkelijkheid en krijgen ze weinig of geen feedback. Om te vermijden dat ze als superster hun realiteitszin verliezen, moeten rijzende sterren geconnecteerd blijven, moeten ze zich bewust zijn van hun voorbeeldfunctie en hun verantwoordelijkheid nemen.
  5. Het Icarussyndroom. Net als bij de Griekse mythologische figuur Icarus leidt succes tot arrogantie en arrogantie is het begin van de eigen ondergang. Zoals Miller (1991) opmerkte, hebben rijzende sterren vaak te veel succes en mislukken ze te weinig. Dit leidt tot overschatting van zichzelf en minachting van anderen. Om zo’n haantjesgedrag te vermijden, moeten rijzende sterren hun fouten leren omarmen en werk maken van bescheidenheid.
  6. Het Herculessyndroom. Voor rijzende sterren is het andere gevaar van succes dat zij, en hun omgeving, ervan uitgaan dat succes normaal is. De verwachtingen blijven stijgen, waardoor rijzende sterren weinig ruimte hebben om een foutje te maken, te falen of het gewoonweg even niet te weten. Om de druk te vermijden van altijd sterk te moeten zijn, moeten rijzende sterren hun verwachtingen temperen, zichzelf niet overprofileren en regelmatig hun kwetsbaarheid tonen.


Kerninzichten

  • Rijzende sterren krijgen met sterke morele gevaren te maken. Het snel opklimmen in de hiërarchie mag dan al een zegen lijken, het kan ook een verkapte tragedie zijn. Rijzende sterren krijgen immers te maken met een reeks verleidingen die hen moreel kunnen schaden. Rijzende sterren moeten zich bewust zijn van de zes gevaarlijkste risico’s zodat ze niet als een opgeblazen ster imploderen tot een moreel zwart gat.
  • Carrière maken kan gevaarlijk zijn. Twee van de zes gevaren zijn het gevolg van de negatieve dynamiek van het snel opklimmen in de hiërarchie om een hogere positie te veroveren. Het Peterprincipe waarschuwt voor het zichzelf voorbijlopen, terwijl het Paulusprincipe waarschuwt tegen te hoge verwachtingen.
  • Een hoge positie bekleden kan gevaarlijk zijn. Twee andere gevaren behoren tot de ongezonde neveneffecten van het effectief aan de macht zijn. Het Machiavelli-effect beschrijft de neiging tot machtsmisbruik, terwijl het Hollywoodeffect slaat op de neiging om zich te misdragen in publiek.
  • Succes hebben kan gevaarlijk zijn. De laatste twee risico’s zijn de psychologische gevaren van te veel succes hebben. We hebben het over het Icarussyndroom wanneer succes leidt tot arrogantie, en over het Herculessyndroom wanneer succes leidt tot de constante druk om sterk te moeten zijn.
  • Morele gevaren kunnen iemand misvormen of vormen. Elk van deze gevaren houdt een mogelijke leerervaring in. Als rijzende ster kan je toegeven aan de verleiding om het verkeerde te doen. Maar je kan ook de verleiding weerstaan en er sterker en wijzer uitkomen.

Deze blog is onderdeel van een serie. Klik hier voor een overzicht.

AMS_Change_management_SocialNL4